Abstract 3D figure composed of red and blue elements, symbolizing balance and unity.
Revalidatie

Welkom op de revalidatie, rustig en overzichtelijk

Door Rinske
Rustig? In de Revalidatie? Ha.
Verpleegkundige reflecties · Jaargang I · Editie Revalidatie
De Verpleegkundige Kroniek
Column · Revalidatiezorg

Rustig? Ha.

Mijn vroegere begeleider beloofde me overzichtelijkheid en rust op de revalidatieafdeling. Vier maanden later lach ik daar nog steeds hartelijk om.

Door een verpleegkundige · Afdeling 9B · Revalidatiezorg

“Ga in de revalidatiezorg werken,” zei mijn begeleider in het ziekenhuis, met die blik van iemand die een groot geheim onthult. “Dat is een stuk overzichtelijker voor je. Rustiger.” Ze zei het zoals je iemand aanraadt om op vakantie te gaan naar een rustig bergdorpje. Ik knikte. Ik geloofde haar. Ik was onwetend.

Vier maanden later kan ik hier hartelijk om lachen. Niet het zachte glimlachje van iemand die geamuseerd is. Nee: het bulderend gelach van iemand die net beseft dat de vooroordelen over revalidatiezorg te aanmatigend voor woorden zijn en de plank niet eens mis slaan, maar de plank niet eens zien.

36 Patiënten tegelijk
2+ Opnames per dag
Familieleden met meningen

Want ja: mensen liggen langer op de revalidatieafdeling. Dat klopt. Je kent ze bij naam, bij karakter, bij favoriete koekje bij de thee. Overzichtelijk? Een beetje. Maar dan komt er elke dag minimaal twee nieuwe opnames bij, is er wekelijks artstenvisite, revalidatieoverleg, multidisciplinair overleg — en heb je ondertussen 36 patiënten die elk hun eigen universum meebrengen.

Ze komen voor een heupfractuur. Ze nemen mee: alles wat ze ooit hebben meegemaakt.

Want dat is het ding met revalidanten. Ze komen officieel voor iets enkelvoudigs — een CVA, een exacerbatie COPD, overbelasting, pijn, of jawel: een gebroken heup. Maar ze komen nooit alleen met dat ene ding. Nee. Ze komen met een compleet pakket. Een mens, eigenlijk. En mensen zijn ingewikkeld. Dat had niemand me verteld.

De wetenschap die je nodig hebt (of: waarom ik ’s avonds huil in mijn anatomie-atlas)

Als verpleegkundige op de revalidatie moet je kennis hebben van grofweg drieduizend pathologische ziektebeelden. En dan heb ik het nog niet over de anatomie, de farmacologie, de wondverzorging, de psychiatrie, de complete DSM van A tot Z, de sociale kaart van Nederland, alle mogelijke verblijfsvormen, overplaatsingsopties, thuiszorgconstructies, en — als dessert — de hele wet zorg en dwang.

Maar goed. Laten we concreet worden. Want niets illustreert het dagelijks leven op 9B beter dan twee patiënten die binnenkomen met dezelfde simpele diagnose — en verder vrijwel niets met elkaar gemeen hebben.

01

Mevrouw De Vries, 81 jaar.
Diagnose bij opname: heupfractuur na val in de tuin.

Mevrouw De Vries komt binnen met een heup die gerepareerd is en een glimlach die je op slag vertrouwt. Klein, wit haar, geurtje van lavendel. De ontslagbrief is twee pagina’s. Netjes. Overzichtelijk.

Wat er echt speelt — de onofficiële inventaris Diabetes mellitus type 2 (slecht gereguleerd, eigen interpretatie van de dieetadviezen) · Hartfalen NYHA II-III · Chronische nierinsufficiëntie stadium 3b · Beginnende dementie (betwist door de familie, zie aldaar) · Depressie (behandeld met een half tablet “van vroeger”, naam onbekend) · Sociale isolatie na overlijden van haar man · Wonend in een huis met 22 trappen en een badkamer op de eerste verdieping · Dochter in Canada · Buurvrouw die “het allemaal niet zo ziet zitten”

De fysiotherapeut wil haar mobiliseren. Prima. De diëtiste wil haar glucosewaarden stabiliseren. Logisch. De ergotherapeut wil haar huis aanpassen. Noodzakelijk. De transferverpleegkundige wil een passende vervolgplek zoeken. Urgent. En ik wil alle vijf tegelijk uitleggen aan mevrouw De Vries, die vandaag denkt dat ik haar nicht Carla ben en vraagt of de suikerbieten al gerooid zijn.

Intussen staat de cardioloog aan de lijn met zorgen over haar vochtbalans, piept de glucosemeter om het uur, en belt de dochter vanuit Vancouver om te zeggen dat haar moeder “echt wel gewoon naar huis kan, ze is altijd zo zelfstandig geweest.” Ik haal diep adem. Ik denk aan mijn begeleider. Ik denk: rustig.

02

Meneer Achterberg, 68 jaar.
Diagnose bij opname: heupfractuur na val thuis.

Meneer Achterberg is groter, luider en heeft een handdruk waarmee hij je pols zou kunnen breken als zijn heup het toeliet. Hij is vitaal voor zijn leeftijd, staat op de ontslagbrief. “Gemotiveerde patiënt.” Wat de ontslagbrief níet staat:

De complete editie Alcoholafhankelijkheid (ontkend, maar zijn leverwaarden vertellen een ander verhaal) · COPD Gold III · Slaapapneu zonder CPAP (“dat ding gebruik ik nooit, te veel gedoe”) · Gegeneraliseerde angststoornis · Mogelijk persoonlijkheidsstoornis cluster B (niet gediagnosticeerd, maar de nachtdienst heeft zo haar vermoedens) · Thuissituatie: leeft samen met zijn vrouw die mantelzorg weigert · Schulden bij woningcorporatie · Laatste huisartscontact: vier jaar geleden · Rookt in het toilet · Belt ’s nachts de balie om te zeggen dat hij pijn heeft en tegelijk dat hij geen pijnmedicatie wil

De verslavingszorgconsulent wil een gesprek plannen. Meneer Achterberg wil een gesprek plannen over wanneer hij naar huis mag. De longarts wil zijn COPD-medicatie herzien. Meneer Achterberg wil weten of hij buiten mag roken. De maatschappelijk werker wil de thuissituatie in kaart brengen. Mevrouw Achterberg wil “er even buiten blijven.”

Op dag vier is meneer Achterberg officieel onze gezelligste patiënt én onze meest complexe casus. Dat kan ook alleen in de revalidatie.

En dan: de familie. Het saillante detail dat niemand je vertelt.

Stel je voor: je hebt net een multidisciplinair overleg gehad. Er is een zorgvuldig plan gemaakt. Alle disciplines zijn het eens. De transfers zijn geregeld. Je voelt de zeldzame gloed van professionele harmonie.

En dan komt de familie.

Niet één familielid, begrijp je. Nee: een delegatie. Met tegenstrijdige opvattingen, aanvullende diagnoses die ze op internet hebben gevonden, en de stellige overtuiging dat zij uw patiënt het beste kennen. Wat op zich niet eens altijd onwaar is, maar dat is vandaag niet het punt.

Er is de zoon die zijn vader elke dag bezoekt en bij elk bezoek vraagt waarom zijn vader “zo sloom” is — niet beseffend dat dit de toestand is na een CVA met rechtszijdige hemiparese, en niet het gevolg is van “te weinig actie van de verpleging”. Er is de dochter die een uitgebreide Excel heeft bijgehouden van alle medicijnen die haar moeder thuis slikte, inclusief een multivitamine die ze in 2019 op vakantie in Turkije heeft gekocht. Er is de kleindochter die rechten studeert en dreigt met juridische stappen als opa niet overgeplaatst wordt naar een andere kamer, omdat de huidige kamergenoot “zo’n rare man is”.

En dan — het hoogtepunt — de partner die fluistert dat ze eigenlijk ook wat vragen heeft over haarzelf, want ze slaapt ook zo slecht de laatste tijd, en of u toevallig even kunt kijken?

Je kijkt. Je luistert. Je verwijst vriendelijk door. Je bent geen huisarts, maar in de revalidatie leer je dat de grens soms vloeibaar is.

Wat ik inmiddels weet

Ik weet nu hoe een exacerbatie COPD eruitziet, hoe je een delier herkent om drie uur ’s nachts, hoe je een gesprek voert met iemand die niet weet dat ze dement is, en hoe je een familiegesprek leidt waarbij alle aanwezigen een andere agenda hebben. Ik weet wat er staat in de DSM-5 over afhankelijke persoonlijkheidsstoornissen, en ik weet welke zorginstelling in de regio nog wél een plek heeft voor iemand met zowel een psychiatrische achtergrond als een lichamelijke zorgbehoefte en een hond.

Ik weet ook dat elke dag anders is. Dat geen twee patiënten hetzelfde zijn. Dat het werk nooit, maar dan ook werkelijk nooit, saai wordt. Dat ik elke ochtend binnenloop en niet weet wat me wacht — maar dat ik het inmiddels aankan.

Rustig? Nee. Overzichtelijk? Nauwelijks. Zinvol? Elke dag opnieuw.

Mijn begeleider had het mis over de rust. Maar misschien had ze toch een punt. Niet over de drukte of de overzichtelijkheid — maar over de keuze zelf. Want als je houdt van het complete plaatje, van mensen als geheel, van zorg die echt ergens over gaat: dan is de revalidatieafdeling geen rustige werkplek. Het is de beste plek die er is.

Dat vertel ik haar de volgende keer dat ik haar zie. Nadat ik uitgelachen ben.

“Ze kwamen voor een heup. Ze kregen een heel mens. En wij ook.”

Afdeling 9B · Revalidatiezorg ·

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *