Help-me-out

Wil je me helpen? Lees dan de volgende twee fragmenten. Welke spreekt jou het meeste aan? En waarom? Of waarom niet? Ik ben aan het experimenteren met het gebruik van ‘tijd’ in mijn verhaal en ik wil heel graag weten wat jij, (als je het voor het eerste leest) ervan vindt. Lees, en ga los, ik hoor het graag!! (Echt).

Wat moest ik nou? Wat wilde ik, waar moest ik heen? Ik verlangde naar een roomzachte wolk om me achterover te laten vallen, getild en gewiegd door de pluizige slierten wolk nog zachter dan paardenbloempluisjes waarvoor één zucht genoeg was ze op te lossen. ’Ssst….’ zei de wolk. Er was nog geen plaats voor mij,

of……

Wat moet ik nu? Wat wil ik, waar moet ik heen? Ik verlang naar een roomzachte wolk om me achterover te laten vallen, getild en gewiegd door de pluizige slierten wolk nog zachter dan paardenbloempluisjes waarvoor één zucht genoeg is om ze op te lossen. ’Ssst….’ blaast de wolk. Er is nog geen plaats voor mij.

Wat spreekt meer aan? Wat lees je liever?

  1. Fragment 1, verleden tijd.
  2. Fragment 2, tegenwoordige tijd / het ‘nu’.
  3. Ik vind het allebei niets.
  4. Wat jij wilt.

Een ongemakkelijke rit met veel goede zorgen

Dankuwel lieve mevrouw die me in eerste instantie ongevraagd lastig viel met goedbedoelde maar ongewenste vragen; ‘Heb je buikpijn?’ ‘Voel je je niet lekker’? “Wil je een pepermuntje?’ terwijl ik met mijn benen wippend tegen de misselijkheid op het klapstoeltje naast de wc van de treincoupé zat. Of het de warmte was, de moeheid, nieuwe medicijnen of de treinreis weet ik nog steeds niet; dat het ongemakkelijk was daarentegen was overduidelijk.

Dankuwel dat u vervolgens de wc-deur achter me sloot die ik in mijn hoge nood om voorovergebogen de wc te bereiken open had laten staan. En dat u er tien minuten later nog stond, toen ik al trillend en van top tot teen bezweet de wc weer uitstapte. Met uw zakdoekjes (het hele pakje) en de aangeboden pepermuntjes. ‘Hier zit nog wat zweet, of heel veel eigenlijk’. Maar bovenal de goede zorgen. Dat u niet wegging, in puur ongemak – vooral van mijn kant denk ik- maar stoïcijns en zeer geduldig bleef wachten tot ik klaar was, terwijl de geluiden aan de andere kant van de deur niet persé aantrekkelijk waren om naar te luisteren. En dat u me daarna nog tien minuten gezelschap hield, tot we bij mijn station waren en ik eruit moest. Die kleine goede zorgen van een volkomen onbekende op de rit Amersfoort-Apeldoorn/Deventer. Dankuwel.

Meer van dit automatisch in je mail? Regel het hier.

Mis

Als kind had ik het echt heel vaak mis.

Maar soms had ik het niet mis. Ik zal niet direct zeggen dat ik gelijk had want mijn moeder houdt niet van opscheppers. ‘Die vallen’,  had ze een keer gezegd. Want die hadden last van hoogmoed. En hoewel ik van veel dingen last had, was hoogmoed daar niet eentje van. Mama viel ook, maar niet omdat ze last had van hoogmoed.